Anders kijken naar kinderen…. De relatie tussen leren en gedrag.

De belangrijkste protectieve factor van een kind is het gevoel erbij te horen, ertoe te doen, nodig te zijn.

zegt Professor Wim Slot. Lees zijn Mulock Houwerlezing in 2014.

 

Er is een duidelijke relatie tussen leren en gedrag.

Als alle andere kinderen in jouw klas iets kunnen en jij kunt dat niet, word je onzeker.

Als jij nooit gevraagd mee te doen, word je onzeker.

 

Op een klimrek klimmen, fietsen, tegen je verlies kunnen, met stappen van tien tegelijk tot 100 tellen, mooi voorlezen, een gedichtje opzeggen, gekozen worden om mee te gaan met de jarige de klassen rond, uitgenodigd worden op feestjes, gevraagd worden om samen tafels oefenen of om samen een toneelstukje te oefenen, de juf mogen helpen met klusjes, kleine en grote privileges, gemist worden in de klas als je ziek bent …

 

Werken aan welbevinden = werken aan competenties.

De grootste beloning die je een kind (én een volwassene!) kunt geven,

is het laten ervaren van een  succeservaring.

Hoe doe jij als leerkracht recht aan deze primaire behoeften van competentie, autonomie en relatie?

 

Sluit je met je lessen voldoende aan op de ontwikkelingsniveaus van alle kinderen in je groep?

 

Creëer je kansen op succeservaringen voor alle kinderen in je groep?

 

Weet je hoe kinderen leren?

 

Kinderen die geboeid zijn, zijn minder geneigd tot orde-verstorend gedrag.

 

Kinderen die weten wat de bedoeling is, zijn taakgerichter.

 

Werk aan een sterke basis.

 

Zorg dat de kinderen weten wat de afspraken zijn in de klas: zo werken wij hier.

 

Alles wat je denkt te zien is meer wat je denkt dan wat je ziet (dr Kees van der Wolf).

 

Hoe stel jij je oordeel uit en onderzoek je vanuit een open houding wat maakt dat een kind zich gedraagt zoals het zich gedraagt?

 

Kén jij alle kinderen in de groep, echt?  Laat jij je kennen door de kinderen?

 

Benader jij elk kind in je groep positief, vanuit vertrouwen en hoge verwachtingen?

 

Geef jij duidelijke aanwijzingen omtrent verwachtingen, gewenst gedrag?

 

Is er voldoende voorspelbaarheid in jouw systeem?

 

Balans voorspelbaarheid – flexibiliteit en ruimte voor inspraak.

 

Geef je elk kind ruimte een proces door te maken om iets vaardig te maken, iets te mogen oefenen?

 

We hebben wel duidelijke leesniveaus met een opbouw van groep 0 tot 8. We geven les in lezen en kinderen maken leeskilometers. Waarom doen we dat niet ook rond gedrag

 

Hoe is bij jou de balans: correcties en aanwijzingen tegenover positieve feedback en een aanmoedigende glimlach?   1: 4…..!

 

Vraag je regelmatig af hoe jouw handelen als leerkracht voldoende bijdraagt tot de ontwikkeling van alle kinderen in je groep!

Wees je bewust van je impact!

 

In deze training werken we vanuit eigen vragen, echte leerlingen en lastige situaties aan:

Wat heeft een kind of de groep nodig om adequaat gedrag aan te leren?

Wat heeft een kind of de groep nodig om tot leren te komen en zich optimaal te ontwikkelen?

Welke krachtbronnen kun je in en rondom het kind of de groep ontdekken en benutten?

Wat hebben jij en je team nodig om te kunnen bieden wat goed is voor het kind of de groep?

Wat heeft de ouder nodig om het kind thuis goed te begeleiden?

 

Door je bewust te worden van je overtuigingen,

kun je deze bewust opzij zetten en anders naar een kind kijken.

 

flower

 

Door je taal en je benadering aan te passen, bereik je al direct positieve veranderingen.

Hoe je over iets denkt, bepaalt hoe je erover praat en hoe je handelt.

Noem je het een drukke kleuter, of een gretige, enthousiaste kleuter?

Heb je het over een zorgelijke casus of over een kind?

 

In deze training word je je bewust van je handelen en welke impact jouw handelen heeft op de kinderen in je groep.

Je neemt je groep onder de loep. Ben je voor alle kinderen in je groep een goede leerkracht?

Wat zou je kunnen verbeteren of anders kunnen doen?

Je gaat met concrete handvatten en toepassingsideeën voor de volgende dag naar huis.

 

Meer weten? Neem gerust contact met me op!